Soms als ik in de spiegel kijk, zie ik mijzelf. Niet altijd is het even duidelijk. Ik zie mijzelf als op de foto. Het beeld in de spiegel is het beeld dat ik geloof te zien. Het is niet percee een beeld van verheerlijking. Noch een beeld van afschuw. Het is het beeld van een jongere ik. Is het de angst om volwassen te worden. Te snel misschien? Vreemd niet, op je 19de al een midlife-crisis. Het gevoel hebben dat je te weinig gefeest hebt in je leven. Te weinig gedaan. Je kijkt terug en vraagt je af wat je nou eigenlijk berijkt hebt. Nuja, dat is toch niet mis. Ontpopt van embrio tot mens. Een sprekende mens, een mens dat kan lopen. En een mens dat weet dat er een slechtheid is in de mens, een mens dat weet wat de mens drijft, een mens dat mensen kent. Toch, misschien is dat het wel. Heb ik het spannendste al achter de rug? Het spannendste gezien. Dat ik niets meer kan bereiken zo groots als ik al bereikt hebt. Leren lopen, leren spreken, dat is toch de essentie van het leven, en dat kan ik al. Wat blijft er over? Wat er over blijft zijn allemaal grote-mensen-dingen. Leren leven, leven scheppen en doodgaan. Dat is wat er nog verwacht wordt van mij volgens de natuur. De komende 3 en een half jaar heb ik te leren leven. Daar is de studentenperiode toch voor, nietwaar? Leven tot in de diepste zin. Nachtbraken, lanterfanten, orde verstoren, drinken, grenzen verleggen, dingen ontdekken buiten het wereldse. Maar daar zit ik dan. Rustig als een burgerlul een beetje televisie te kijken. De grens die ik verlegd heb is eten koken, dingen ontdekken buiten het wereldse is verhuizen en nachtbraken doe ik op een station tussen Hoorn en Rotterdam na een knappende bovenleiding, knisperende bladeren op de rails of piepende remmen bij een ongeluk.
Daarom zie ik dat kleine jongetje in de spiegel in plaats van die roekeloze student.
Vreemd eigenlijk, als je er over nadenkt. Als je geboren wordt, ben je baby, dan muteer je in peuter, kleuter en een kind, waarna je een tiener wordt. Maar eenmaal de 19 gepaseerd. Ben je niets meer. Puber ontgroeit, tiener weg en de titel kind heb je al ruim een jaar achter je gelaten. Tot je dertigste heb je niet echt een titel, want zeg nou zelf, "twintiger" klinkt niet.
Maar is dat studentenleven echt een gemis? Ookal is het riskant, en brengt het nadelen met zich mee, het levert wel goede verhalen op. Eenmaal dertig kan je lui achterover leunen, vrouw op de bank, kind onderweg en dan je wilde verhalen spuien aan je aangetrouwde familie. Stukken beter dan vermelden dat je op zaterdag de 14de een weblog schreef over je "quarterlife crisis".
Het doet me wel denken aan een film, de film High Fidelity, waar hij zegt: "I was one of those guys, who was affraid of staying single his whole life on his 24th.". En och, ik kan me best daar in vinden. Toch, ik rep hier over het leven alsof de laatste dagen naderen. Alsof er geen leven is na de studentenperiode, alsof werk synoniem staat voor dood. Ik ben er nog niet uit of dit zo is of niet. Wordt de student, en het korte tijdperk waarin hij leeft zo opgehemeld? Of is het waar, je leeft maar 4 jaar tot de max, en dat is in je studentenperiode. Zo ver het er nu uit ziet, worden het 4 rustige jaren,
-Crisiscentre Rik
Comments (0)
No comments yet.
Add Comment